Typen en materialen

Vetafscheider met slibvang: waarom die combinatie geen optie maar de standaard is

Een slibvangput vangt de vaste en bezinkbare delen uit het afvalwater op voordat het water het vetafscheidende compartiment bereikt. Zonder slibvang vervuilt het vetcompartiment snel en verliest de afscheider zijn werking. In de praktijk worden vetafscheider en slibvang daarom gecombineerd geleverd, vaak geïntegreerd in één behuizing. Als indicatie voor onderhoud geldt: de slibruimte mag maximaal voor de helft gevuld zijn.

Hoe de twee compartimenten samenwerken

Een vetafscheider werkt op fysische scheiding: vet is lichter dan water en drijft op, bezinkbare delen zijn zwaarder en zakken naar de bodem. De slibvang neemt het zware werk als eerste: etensresten, koffiedik, zand en ander bezinksel blijven daar achter. Het voorgezuiverde water stroomt daarna rustig het vetcompartiment in, waar het vet de tijd krijgt om op te stijgen en zich tussen de schotten te verzamelen.

Die volgorde is de reden dat een verwaarloosde slibvang de hele installatie sloopt: een volle slibruimte laat vervuiling doorschieten, verstoort de rustige doorstroming en drukt de scheidingscapaciteit. De helft vol is het moment om te legen, niet later.

Geïntegreerd of gescheiden

Compacte installaties combineren slibvang en vetafscheiding in één tank met gescheiden compartimenten; grotere of zwaarder belaste situaties, zoals vleesverwerking, kiezen soms voor een aparte slibvangput vóór de afscheider. Welke opzet past, volgt uit de berekening en de aard van de vervuiling. Bij twijfel rekenen wij mee en adviseren we onafhankelijk.

Bereken uw capaciteit Vraag onafhankelijk advies

Inhoud gecontroleerd op 6 juli 2026.

Bron: IPLO (Rijkswaterstaat): NEN-EN 1825-1 en -2, achtergrond berekening en onderhoud (bron bijgewerkt: 16 februari 2026)