Een slagerij die vethoudend afvalwater loost, heeft een vetafscheider met slibvangput nodig conform NEN-EN 1825. Bij vleesverwerking is de slibvang zwaarder belast dan in een gewone keuken: vaste delen en zwevende stof komen vóór het vet. NEN-EN 1825-2 kent voor vleesverwerkende bedrijven daarom een eigen berekening, onder meer op basis van de hoeveelheid verwerkt vlees, en de mogelijkheid van een op maat berekende inhoud die het bevoegd gezag accepteert.

Waarom de slibvang hier het echte werk doet
Bij het schoonspuiten van werkbanken, machines en vloeren komen vaste deeltjes mee: vleesresten, botfragmenten, zwevende stof. Die horen in de slibvangput terecht te komen voordat het water de vetafscheider bereikt. Een slibvang die te klein is of te vol staat, duwt vervuiling door naar het vetcompartiment en verkort de effectieve werking van het hele systeem. De norm hanteert als indicatie dat de slibruimte maximaal voor de helft gevuld mag zijn.
De berekening bij vleesverwerking
Voor keukens rekent NEN-EN 1825-2 met maaltijden; voor vleesverwerking rekent de methode met de hoeveelheid te verwerken vlees. De methode gebruikt daarvoor grootvee-eenheden, waarbij één grootvee-eenheid staat voor één koe of tweeëneenhalf varken. Soms is een grotere afscheider nodig dan het debiet alleen suggereert, bijvoorbeeld door warm spoelwater. Voor die gevallen kent de norm een op maat berekende inhoud; leg die berekening vast en bewaar haar, want bij een wijziging in de bedrijfsvoering moet u kunnen aantonen dat de afscheider nog voldoet.
Wij rekenen uw situatie door en verbinden u met een partij die ervaring heeft met vleesverwerkende bedrijven. Vraag advies aan of gebruik eerst zelf de capaciteitsberekening.
Onderhoud en administratie
Ook hier geldt: minimaal maandelijks inspecteren, legen en reinigen, bij voorkeur elke twee weken. De inhoud van de afscheider is een bedrijfsafvalstof die u afgeeft aan een erkende inzamelaar, met een bewaarplicht van vijf jaar voor de afgiftegegevens. Voor een slagerij met wisselende productie loont het om de ledigingsfrequentie af te stemmen op de werkelijke vullingsgraad, vastgelegd in een logboek.
Veelgestelde vragen over slagerij
Waarom is de slibvang bij een slagerij zo belangrijk?
Omdat er bij het schoonspuiten van banken, machines en vloeren vaste delen meekomen: vleesresten, botfragmenten en zwevende stof. Die horen te bezinken voordat het water het vetcompartiment bereikt. Een slibvang die te vol staat duwt vervuiling door en verkort de werking van de hele installatie.
Hoe rekent de norm bij vleesverwerking?
Anders dan bij keukens. Waar horeca met maaltijden rekent, rekent NEN-EN 1825-2 voor vleesverwerking met de hoeveelheid te verwerken vlees, uitgedrukt in grootvee-eenheden. Een grootvee-eenheid staat voor een koe of tweeeneenhalf varken. Warm spoelwater kan een grotere maat vragen dan het debiet alleen suggereert.
Hoe vol mag de slibvang worden?
De slibruimte mag maximaal voor de helft gevuld zijn, de vetopslagruimte voor maximaal tachtig procent. Bij een slagerij met wisselende productie loont het om de ledigingsfrequentie op de werkelijke vullingsgraad af te stemmen en dat in een logboek vast te leggen.
Ik ga verbouwen of uitbreiden. Moet ik opnieuw rekenen?
Ja. Bij een wijziging in de bedrijfsvoering moet u kunnen aantonen dat de afscheider nog voldoet. Leg de berekening vast en bewaar hem. Een verbouwing is bovendien het goedkoopste moment om te corrigeren; achteraf ingraven kost een veelvoud.
Verder lezen
- Vetput legen en vetafscheider legen wat een lediging kost, hoe vaak het moet en wie de inhoud mag afvoeren.
- Vetafscheider capaciteit berekenen reken de nominale grootte na volgens NEN-EN 1825-2.
- Wanneer is een vetafscheider verplicht waar de plicht staat en waarom die per gemeente verschilt.
Bereken uw capaciteit Offerte aanvragen
Inhoud gecontroleerd op 6 juli 2026.
Bron: IPLO (Rijkswaterstaat): NEN-EN 1825-1 en -2, achtergrond berekening en onderhoud (bron bijgewerkt: 23 juni 2026) · IPLO (Rijkswaterstaat): gebruiksregels horeca en afvalwater

